Gepubliceerd op: zondag 17 oktober 2021

Delphine Lecompte – Alles is om zeep en ik heb de verkeerde engelen geschoffeerd

 

De verwaande blaaschirurg probeert me te chanteren in het reuzenrad
Het lukt niet en zijn teleurstelling is tastbaar als een verminkte telescoopvis
Terug op de begane grond schoffeer ik mensen die het nauwelijks verdienen
Het blijven natuurlijk mensen en dus verdienen ze het altijd een beetje om gestraft te worden
Dat heb ik geleerd van een priester op Aswoensdag toen ik vier of vijf was
Na het schofferen koop ik schoenen met een roodzwart ruitjesmotief
Ik voel me zo afschuwelijk eenzaam wanneer ik de schoenen betaal
Omdat schoenen symbolen zijn van nomadisme en sterfelijkheid?
Ik weet het niet, ik heb geen antwoorden.

De schoenenverkoper heeft dezelfde ogen
Als de bloedmooie alchemistische trompettist die me op mijn 22ste verjaardag
Trakteerde op een melancholische Finse film en tijdens de slotscène bijna stikte
In een kristallen kermiszwaan, waardoor er commotie ontstond en iedereen
Voor het doek begon te lopen en zo miste ik het einde van de film
In de Zilverstraat hoor ik de blasfemische horlogemaker prevelen:
‘Vandaag ben ik duizend man traag.’
Hij prevelt het tegen een parkeermeter, ik verbeter hem niet
Ik steel zijn kleingeld en koop zes blikjes bier voor de voormalige vrachtwagenchauffeur.

De voormalige vrachtwagenchauffeur is blij met de onverwachte blikjes bier
Hij klokt genoeglijk en haalt dan herinneringen op aan zijn eenmalige ervaring
Met speed, het wordt een ingewikkelde anekdote die zich afspeelt in Nazareth
Tussen een zuivelmuseum en een pruikenwinkel, een mandenweefster
Met een horrelvoet vraagt de voormalige vrachtwagenchauffeur ten huwelijk
Maar hij is nog zo jong en zo blakend in de anekdote dat de horrelvoet
Een onoverkomelijk blazoen is, of smet of obstakel of niet te negeren aangeboren mismaaktheid
Drie decennia later kijkt de voormalige vrachtwagenchauffeur niet op
Van een aangeboren mismaaktheid meer of minder, het klikte omdat we fatalistisch waren.

Ik ben nog steeds fatalistisch
De anekdote loopt af met een onuitstaanbare tornadojager
Die in het huis van zijn ouders masturbeert met een foto van een Nepalese lippenbeer
De tornadojager wordt betrapt door zijn vader en kort daarna wordt hij
Vermoord door zijn moeder, de masturbatie met de foto van de Nepalese lippenbeer
Was de spreekwoordelijke druppel en het excuus dat ze nodig had
Het moordwapen was een weinig waardevolle tombolavleesvork
Gewonnen tijdens het mosselsouper met aansluitende tombola
Van de plaatselijke lauriervereniging, ik zeg: ‘Horrelvoet, tornadojager, Nepal, vleesvork.’

De voormalige vrachtwagenchauffeur zegt hooghartig: ‘Dat is niet de correcte samenvatting
Van mijn eenmalige ervaring met speed, je stelt me teleur.’
Ik probeer opnieuw: ‘Pruikenwinkel, masturbatie, tombola, lippenbeer.’
‘Dat is al veel beter.’
Ik denk opnieuw aan mijn afschuwelijke eenzaamheid in de schoenenwinkel
Was ik maar in het reuzenrad blijven zitten: cirkels en chantage, gezelschap
Het gezelschap van de duizelingwekkende verwaande blaaschirurg
Die het de moeite waard vond om me te chanteren met een vaag herinnerd frettenkadaver
De voormalige vrachtwagenchauffeur leest meewarig zijn horoscoop
In de immobiliënkrant, vertrouw niemand en reken uitsluitend op jezelf,
Neem geen vakantie en probeer een oude vriend te vergeven.

Hij haalt zijn schouders op en eet staand doch leunend drie plakken preskop
Die op röntgenfoto’s van gebroken hazensleutelbeenderen lijken
Buiten roept de transseksuele coniferenscheerder alweer:
‘Ik heb nog een appeltje te schillen met de botte ongeremde scrupuleloze loensende
Walvisvaarder die mijn onzinnige onnodige tandemfiets en mijn lelijke opgezette
Monniksgier heeft verdonkeremaand!’
Elke dag om 16u roept hij hetzelfde, al meer dan tien jaar
En niemand weet of de botte ongeremde scrupuleloze loensende walvisvaarder echt heeft bestaan
Ik moet altijd opnieuw lachen met de adjectieven die de coniferenscheerder toekent
Aan de walvisvaarder, het heeft iets tragikomisch en iets ontroerends, die hardnekkige woede.

De voormalige vrachtwagenchauffeur zegt laconiek: ‘Het loensen kan
De walvisvaarder niet kwalijk worden genomen, dat is onredelijk.’
Ik zwijg wijselijk
Breek me de bek niet open over de onredelijkheid van de mensensoort
Ik maak drie gekookte eieren en een pot cocktailsaus soldaat
Belde mijn moeder me nu maar op, ze amuseert zich op een bühne
Ergens tussen Lyon en Novosibirsk, een preciezere locatie wilde ze niet geven
Eigenlijk is ze te oud om de kleine zeemeermin te spelen, de mannelijke toeschouwers gooien
Splinternieuwe kanariedrinkbakken en dode wandelende takken naar haar vissenstaart
De kinderen en de fascistische dwergen doen lustig mee.

Het is geen wreedheid, het is de manier waarop ze hun waardering uiten
Cultuurgebonden
Mijn schuldbemiddelaarster belt me op, ze is dronken
En beweert dat ze van mijn gedichten houdt
Ik zeg: ‘Dat is onmogelijk, zelfs mijn moeder en ik houden niet van mijn gedichten.’
Mijn schuldbemiddelaarster lacht klaterend, ik ben vergeten hoe groot haar neus is
En of ze hoge hakken draagt, ik herinner me enkel haar oorbellen in de vorm van papegaaien
Ik gaf haar een compliment over de oorbellen, maar ze verstond me verkeerd
En dacht dat ik zei dat het schuldbemiddelingsbureau in brand stond.

Er brak paniek uit, de dag was om zeep
Het was nog maar ochtend en ik wist met mezelf geen blijf
Ik heb toen twee flessen rum gekocht in de dichtstbijzijnde sinistere supermarkt
En in een bunker op het strand heb ik de rum gedeeld
Met een bipolaire garnalenpeller en met de analfabetische jongenshoer
Die laatste is nog steeds mijn beste vriend, omdat hij corrupt en nonchalant is
De voormalige vrachtwagenchauffeur wijst naar de hemel: ‘Kijk, een regenboog!’
Het is waar maar het is niet magisch, ik lees mijn horoscoop: een goed moment
Om een stapje terug te doen op weg naar het realiseren van je dromen.

Over de auteur

Delphine Lecompte