Gepubliceerd op: zondag 14 februari 2021

Delphine Lecompte – Verschoppeling met zwarte poedel

 

Een zelfverklaarde verschoppeling met een zwarte poedel
Genoemd naar een Russische balletdanseres die niet tragisch genoeg om het leven kwam
Steekt de melancholische baggeraar in brand op het strand
Ik kijk kwijlend en gefascineerd en veel te opgewonden naar het onverwachte spektakel
Ik red de baggeraar niet omdat hij mij vorige week genadeloos heeft uitgelachen
Toen er een meeuw op mijn schouder scheet, ik had het al zo moeilijk;
Ik kwam net van een mislukt sollicitatiegesprek in een pedagogisch reptielenverblijf
Ik was niet kwaad op de meeuw, maar ik was ingehouden razend op de baggeraar.

Iemand anders redt de melancholische baggeraar: de veelgeplaagde ezeldrijver
Nochtans zou hij ook zijn hoofd kunnen afkeren van het wrede gloedvolle tafereel
Want nog geen twee dagen geleden spotte de baggeraar in de herberg van Jean Paardendief luid
Met het onvermogen van de ezeldrijver om zijn nymfomane vrouw in toom te houden
Zo luid dat iedereen het kon horen, behalve de ezeldrijversvrouw zelf
Zij lag weldadig haar tepels te scherpen op een ijsbeertapijt in de warme woonkamer
Van een exuberante coniferenscheerder die zo luxueus woonde dankzij de erfenis van zijn peter:
Een meesterlijke vervalser van Titiaan, en een uitstekende verzamelaar van de juiste kandelaars,
De foute dierenvellen, de authentieke schrompelkoppen, en de bloedende ringen van sjamanen.

Nu zit ik naast de voormalige vrachtwagenchauffeur
We kijken naar een horrorfilm over een kleine kobold op een driewieler
Hij martelt schuldige mensen met maïs, met zuur, met zagen, en met kettingen
Ik schaam me dat ik geniet van de sadistische taferelen
De voormalige vrachtwagenchauffeur geniet niet en hij laat zijn kommetje ananasstukjes staan
Na de film maakt hij amok in mijn aars, dat heb ik graag
Ik zeg: ‘Neem me te grazen, tedere ontaarde trucker zonder hedendaagse boormachine,
Zonder Victoriaanse taartschep, en zonder affreuze beleggingsportefeuille!’

Ik kom klaar en roep: ‘Bijenhotel!! Noem me vanaf vandaag Bijenhotel!’
Maar de voormalige vrachtwagenchauffeur slaat geen acht op mijn debiele extase
Hij kamt zijn lange evangelische haren en maakt eindelijk het kommetje ananasstukjes soldaat
Hij hanteert de kam met zijn rechterhand en de lepel met zijn linkerhand
Plots doet hij me denken aan de zwaarlijvige godsdienstwaanzinnige Bertrand
Met wie ik bevriend raakte in het gekkenhuis, toen hij het gekkenhuis moest verlaten
Gaf hij me op het parkeerterrein nog vlug een tuiltje narcissen
En een pluchen teddybeer in een paashaaspakje, het was april
En het was wreed van de hoofdverpleegster om Bertrand weg te sturen.

Thuis pleegde hij zonder de lichten aan te steken zelfmoord
Met een peperkoeken hart en arsenicum
De voormalige vrachtwagenchauffeur knipt kortingsbonnen uit
Voor mosselen, appels, en gammele ritjes doorheen het krakkemikkige spookhuis
Ik zeg: ‘Ik voorspel dat we op 15 augustus 2022 kortstondig gelukkig zullen zijn
In een knullig folkloremuseum in mijn geboortestad, maar een pretentieuze steltloper
En een verdorven sponzenverkoper zullen ons kortstondige geluk verbrodden.
Uit afgunst en kwaadaardigheid, ja.’

Het is al laat, de maan laat zich gelden
En de heilige Ria keert terug van haar bedlegerige schoonvader
Met een zorgelijke grimas en een mand vol gevilde palingen en onvolledige bordspelen
We kruipen in bed en de voormalige vrachtwagenchauffeur zegt: ‘Ik zal nooit
Met je trouwen; je liegt en je steelt en je bent verslaafd aan benzodiazepines.
Maar ik zal altijd blijven houden van je reeuwse genitaliën
En ik zal het altijd grappig blijven vinden dat je Bijenhotel wil heten.’

Mijn naam is Bijenhotel
In mijn droom verdrink ik in een silo
Ik verdrink in graan, maar mijn beul noemt me tenminste bij mijn naam
Hij zegt: ‘Bijenhotel, dit is je straf. Je hebt twintig Congolese munten
En meer dan vijfhonderd liter druivenolie gestolen van een dementerende orgeldraaier.
Daarom moet je vandaag verdrinken in een waterval van inferieur graan.
Heb je nog een laatste wens, Bijenhotel?’
Ik zeg: ‘Een tandenborstelbeker wodka en nog een keer met mijn moeder de film Moby Dick zien.’

Maar het is teveel gevraagd en ik sterf de akelige verdrinkingsdood in inferieur graan
Happend naar adem word ik wakker
De voormalige vrachtwagenchauffeur spreekt in zijn slaap
Over zijn gokverslaafde zoon die werd geboren zonder kin en zonder betrokken moeder
Ze duwde de boreling in zijn handen en holde terug naar het heroïnekraakpand
Waar ze kind te huis was, de voormalige vrachtwagenchauffeur voedde zijn zoon alleen op
De opvoeding mislukte een beetje, maar dat is niet de schuld van mijn trucker.

Over de auteur

Delphine Lecompte