Gepubliceerd op: zondag 13 december 2020

Delphine Lecompte – Yoghurt, kangoeroe, galop

 

Ik herinner me de schok van mijn eerste galop, ik kende de verhalen
Van paarden die je maagdelijkheid stalen, maar een schoorsteenveger was er al
Vandoor gegaan met de mijne, een schoorsteenveger of een pedofiele tuinman
Alleszins niet Sinterklaas, hij bestaat niet maar sinds ik schrijf is elk gedicht
Een marsepeinen wortel in mijn schoentje, en dus is opstaan zalig
Maar de zaligheid wordt rond 11u vlak en gedempt, dan is het tijd om te drinken.

Het drinken maakt me aanvankelijk uitbundig en scherp, althans dat wil ik geloven
Ik moet geloven dat ik mezelf kan reanimeren met bier, een schuimkraag op mijn ziel
Dankzij mijn alcoholmisbruik ben ik bevriend geraakt met loverboy Franky
Een gepensioneerde fietsenmaker, en met de voormalige vrachtwagenchauffeur
Met die laatste bedrijf ik vaak de liefde, omdat zijn penis zo goed in mijn vulva past
Dat klinkt smakeloos en opzettelijk vulgair, maar het is vreugde en geluk en ik kan er
Niet over zwijgen; zeldzaam als vreugde en geluk zijn.

Nu zit ik met mijn moeder in haar tuin en ze lacht met de manier
Waarop haar nieuwe vriend de naam van zijn IJslandse yoghurt uitspreekt
Ze is een vrouw die graag spot, maar ze kan ook gedeprimeerd zijn en ze kan ook dwepen
Ze kan alles, en als ze op een dag niet meer alles kan dan wil ze sterven als een kangoeroe:
Alleen naast een struik, zonder misbaar en zonder infuusstaanders
Mijn moeder vraagt: ‘En jij, mijn kind, welk dier zal jij imiteren tijdens je sterfscène?’
Ik zeg: ‘De dodo, dan ben ik er rap vanaf.’

Ze luistert niet; ze kijkt naar haar vriend die bevend een kommetje muesli eet
Hij is een roodharige fagottist, hij zag eens Lauren Bacall in Damascus
Hij was klein en tijdens diezelfde reis werd hij gemolesteerd door een loensende neuroloog
En door zijn knecht, een hypochondrische goudsmid
Hij spreekt vaak over die reis, na die reis vloog hij op kostschool
Waar hij een kamer moest delen met drie jongens die molletjes folterden en hem kaalschoren.

Ik verlaat het huis van mijn moeder, en in de Kapelstraat probeer ik een bokaal
Augurken open te krijgen, maar het lukt slechts in de Biddersstraat
Ik geniet van de augurken gestolen van mijn moeder, ze zal de augurken pas in april 2022 missen
Een beetje later zal ze geopereerd worden aan haar schouder en ontevreden zijn over het resultaat
Na de augurken bezoek ik de voormalige vrachtwagenchauffeur.

Hij bekijkt een film over een miezerige makelaarsvrouw op de luchthaven die per ongeluk de valies
Van een gestoorde touwslager meeneemt, hij denkt dat ze het opzettelijk heeft gedaan
En hij maakt haar het leven zuur met ongewenste boeketten, marmottenkadavers
Gedumpt op de drempel van haar ex-man,
En de ontvoering van haar dochter die op het punt stond af te studeren, tandheelkunde.

De voormalige vrachtwagenchauffeur zegt: ‘Je was lang weg.’
Ik zeg: ‘Ik was in IJsland, in de Kapelstraat, in een schoorsteen, in mijn moeder, in een kangoeroe.’
Ik trek mijn broek uit en de voormalige vrachtwagenchauffeur gebruikt zijn vingers
Om mijn geslacht te doen zwellen en druipen, ik ben eindelijk een gletsjer
Niet in een gletsjer, ik ben de gletsjer zelf
Dan kom ik klaar, ik hoor mijn afgrijselijke schorheid
Als een priester die zich beschaamd vergrijpt aan een imbeciele misdienaar.

Over de auteur

Delphine Lecompte