Gepubliceerd op: zondag 20 oktober 2019

Beelden uit een tentoonstelling (9) – Tacita Dean

 

Een gedicht van Günter Eich begint met de uitroep ‘Wer möchte leben ohne den Trost der Bäume!’ De troost dat ze – als ze niet voortijdig, uit winstbejag of omdat ze in de weg staan worden gekapt – langer leven dan mensen. Een soort overwinning op onze eindigheid. Nu ik het gedicht opzoek, merk ik dat de erop volgende versregel minder troostend, realistischer is: ‘Wie gut, dass sie am Sterben teilhaben!’ Ze zijn in die zin soortgenoten: ook zij vermolmen, sterven, vergaan.

DEAN Crowhurst II 2007De taxusboom op deze foto van de Britse kunstenares Tacita Dean staat in Crowhurst, bij een kerkje uit de twaalfde eeuw. Hij is een uitzondering, naar schatting meer dan 1300 jaar oud. Dat weetje is imponerend, maar ook zijn grootte, omvang, knoestige stam en wonderlijk kronkelende en verweerde vertakkingen maken hem indrukwekkend. De boom die in het museum hangt bestaat uit vier hoge stroken fotopapier, totale afmeting 300 bij 380 cm. Hij hangt in een vrij smalle gang, waardoor je als je voor de foto staat niet anders kunt dan naar hem opkijken.

In feite gaat het om meer dan een foto, het is een mixed mediawerk. Dean heeft alles wat om de boom heen te zien is met witte gouache overschilderd. Als retorisch procedé is dat een weglating, maar eigenlijk voegt de reductie iets toe. Ze verscherpt en versterkt de vorm, structuur en contouren van de oude, een wat monsterlijke maar goedmoedige reus. Vooral door de witte strook beneden lijkt het boomwezen los te komen van de aarde, te zweven. Het wit van de gouache, heel licht blauw getint, ga je associëren met een witte wolkenhemel. Er lijkt, zonder dat er van dood sprake is en hoe statisch het werk op zich ook is, een hemelvaart aan de gang. ‘Naar een boom / ziende zie ik / hemel en aarde in elkanders / armen’ (Hans Andreus).

Er is nog iets wat de boom heldhaftig maakt. Twee elementen behoren strikt genomen niet tot de boom, al kan hij in werkelijkheid niet meer zonder. Rechts en links zijn twee ijzeren stutpalen te zien, in hun rechte vorm opvallend door hun tegenstelling met het kronkelige en in dikte veranderlijke hout. De rechter stut rust op een betonnen voet, waarvan een klein stukje zichtbaar bleef. Associatie: de stok waarop de oude man steunt. De linker steun daarentegen zweeft doordat hij onderaan werd overschilderd in de lucht en lijkt door de gebogen tak die eroverheen komt op een strijdvaardige degen.

DEAN Tacita Crowhurst detail kerkhof

 

Als je lang genoeg van dichtbij naar de witte overschildering kijkt, doemt door de gouache heen op wat eerst aan het oog werd onttrokken: de grafstenen op het kerkhof, telkens weer wegdeemsterend. ‘And death shall have no dominion’ (Dylan Thomas).

 

 

DEAN Study for Crowhurst

 

In een boek over Tacita Dean staat een afbeelding van een voorstudie, een eveneens (maar minder) met gouache bewerkte kleinere foto, genomen vanuit een ander gezichtspunt en met een nog stevig gewortelde boom. Als je Study for Crowhurst (2006) met Crowhurst II (2007) vergelijkt, dan merk je hoezeer de wijzigingen de ‘heroïsering’ van de taxus ten goede zijn gekomen, hoe de kunst de werkelijkheid heeft overstegen.

 

 

DEAN Tacita Crowhurst II in gang de Pont met berken buiten

 

Crowhurst II is tot 2 februari 2020 samen met films, foto’s, tekeningen en een installatie te zien in de tentoonstelling Tacita Dean. Uit de collectie van De Pont in het gelijknamige museum, Wilhelminapark 1, Tilburg.

Over de auteur

- is criticus en literair vertaler: recentelijk Ann Cotten, Alle zwanen heten Reinhard en andere gedichten (2011), Spiel auf Leben und Tod. Die Auferstehung des Konrad Bayer (Schreibheft 79/2012), Norbert Hummelt, Geen veerman, geen Styx (2014, met Jan Baeke), Marion Poschmann, Landschap van wilde geruchten. Gedichten (2015), Konrad Bayer, idioot (2015), Konrad Bayer, de peer en ander proza (2017), Ernst Jandl, poëzieklysma (2017), Jean Paul, Gedachtegewemel (2018), Georg Heym, De gek (2019)