Gepubliceerd op: maandag 30 juli 2018

EI105: Huub Beurskens – Vergeten stond de plukladder

 

Verwonderd vroeg ik me iets af, weet niet meer wat,
over ons bestaan allicht, verwonderd omdat de vraag
zelf het antwoord scheen op ik wist niet meer wat,
want als uit het gedachte vernam ik toen dat ruisen

niet uit maar van de fruitboom waaronder ik, bij warm
zomerweer zonder zuchtje wind, in de schaduw zat,
alsof het gebladerte zich met elk blad mee bezonnen
had over het wist al niet meer wat. Eén waren boom

en ik en ogenblik, zoals ik bladwerk had gehad en
zijn kroon zowel vraag als antwoord was geweest.

Nog eens lukte ons dit niet, wisten we, zoals
een droom zich geen twee keer dromen liet.

Vergeten stond de plukladder aan de stam.

Ik keek omhoog om te zien of er niet
alsnog een vrucht verscholen hing.

 
___
Het citaat kent verscheidene varianten en wordt soms aan Aristoteles toegeschreven en soms aan Plato: verwondering is het begin van alle kennis. Het eerste woord van het gedicht refereert eraan. Maar het tweede deel van de eerste versregel maakt meteen duidelijk dat het hier niet om kennis gaat: ‘weet niet meer wat’.
Een variant hierop wordt twee keer herhaald: ‘ik wist niet meer wat’ (v3) en ‘het wist al niet meer wat’ (v8). Samen geeft het de grote lijn van het gedicht weer. De tegenwoordige tijd ‘weet’ als instapje, een link naar het hier en nu. Daarna een verhaal in de verleden tijd waarin de ‘ik’ het al snel ook niet meer ‘wist’. Vervolgens het opgaan van de ‘ik’ in een eenheid met de natuur om ij heen.

Er worden meer elementen herhaald. Zo komen de ‘vraag’ en het ‘antwoord’ van de eerste strofe terug in de tiende versregel. We komen als lezers van het gedicht niet te weten wat de ‘vraag’ is geweest, laat staan het ‘antwoord’. Misschien iets diepzinnig filosofisch ‘over ons bestaan allicht’, hoewel dat laatste woord zorgvuldig alle zekerheid daarover vermijdt. Toch lijkt het wel iets wezenlijks te zijn. Het gedicht lijkt over kennis te gaan: de allusie op het verwondering-kennis citaat, de setting van het gedicht die erg doet denken aan het plukken van de boom der kennis in Genesis, de ‘vraag’ en het ‘antwoord’.

De crux van het gedicht lijkt te zijn om daaraan voorbij te gaan. Wat de ‘vraag’ en het ‘antwoord’ was, komen we niet te weten. De vrucht van de boom der kennis is er niet (meer). Het gedicht beschrijft een ervaring (‘Eén waren boom en ik en ogenblik’) die de kennis overstijgt, in het spirituele domein uitkomt. Misschien is kennis niet belangrijk en gaat het om het spirituele. Misschien ook moeten we kennis zien als de ‘plukladder’, zoals in de vergelijking van Wittgenstein, die je niet meer nodig hebt als je er de volgende fase mee bereikt hebt. Zoals de ‘vraag’ en het ‘antwoord’ op dat moment belangrijk waren om in het ‘ruisen’ van de ‘fruitboom’ gespiegeld, opgenomen, en overstegen te worden. Het ‘vergeten’ van de ‘plukladder’ past bij beide interpretaties.

Die ervaring van vereniging van meerdere elementen bereikt het gedicht -behalve door de herhaling van woorden- via enjambementen waarmee de ene strofe een verbinding met de volgend krijgt. Dat stopt na de derde strofe. De ervaring is dan verteld, er komt nog een reflectie op. Opvallend overigens dat hier weer kennis, een weten, belangrijk wordt: ‘wisten we’ (v11). Aan het einde kijkt de ‘ik’ niet voor niets ‘of er niet alsnog een vrucht verscholen hing’ in de boom. Het lijkt hier niet te gaan om kennis, maar wel om iets tastbaars, een les te halen uit de ervaring die dit parabelachtige gedicht beschrijft. Dat mag de lezer zelf doen. De ladder staat er uitnodigend genoeg.

De rechterkant van de versregels is in de eerste twee strofen een beetje rafelig. Daarna neemt de lengte van de versregels geleidelijk af. Het gedicht lijkt zo qua vorm wat op een deel van de ‘kroon’ van een ‘fruitboom’. Opgaan in het ‘ruisen’ van dit ‘gebladerte’ leidt tot een ervaring voorbij de kennis.
___
 


Gedurig nader
Huub Beurskens
Uitgeverij Koppernik
ISBN 9789492313461

 

 

 

 

 

About the Author

Jeroen van den Heuvel

- Jeroen vertaalt poëzie en kinderboeken. Daarnaast schrijft hij essays over poëzie. Hij is redacteur van ooteoote.nl.