Gepubliceerd op: vrijdag 2 december 2016

Recente Poëzierecensies – november 2016 (2)

 
waanzin-went-niet-greyson

  •  
  • De Volkskrant is erg te spreken over #stopdetijd, een kloeke bundel met “bijna alle popteksten en vertalingen” van Jan Rot. “De Annie M.G. Schmidtprijs was zijn eerste vakprijs, ofschoon recensenten de teksten van Rot en vooral zijn vertalingen veelvuldig hebben geroemd. Eigenlijk zijn dat hertalingen, waarin hij de klank en het ritme perfect vasthoudt en de woorden laat sprankelen.”
  • “Synesius’ poëzie is nu door Piet Gerbrandy vertaald: lyrische hymnen waarin geloof, traditie en vooral filosofie samensmelten tot het persoonlijke ‘verslag’ van een geloofsbeleving. Nergens zijn de gedichten kwezelig of pedant, ze zijn steeds fris, soms op het naïeve af”. Aldus karakteriseert de NRC de bundel Dans die het heelal omkranst. Negen hymnen aan de Ene. van Synesios van Cyrene.
  • Nachoem M. Wijnberg staat weer volop in de belangstelling met zijn bundel Van groot belang. The Post Online heeft zo zijn bedenkingen. “Met zijn enorme lappen poëzie – die bovendien uitblinken in doodlopende of express vergezochte redeneringen – heeft het er veel van weg, dat Wijnberg elke poging van een literatuurvorser vat te krijgen op een gedicht, laat staan op de hele bundel, actief wil ontmoedigen. Sterker: wie, zoals ik, de moed heeft gehad de bundel tot zich te nemen (‘door te spitten’ is misschien een adequatere term) moet welhaast concluderen dat het creëren van een volkomen ondoorzichtig taal labyrint de voornaamste doelstelling van deze dichter moet zijn geweest. Als er al sprake is van een zeker leesplezier, dan zit het in de paar passages in de bundel die niet a priori in de richting van wartaal gaan, maar – per ongeluk? – een samenhangend beeld vormen.”
  • “Greysons sterke, zelfstandige, energieke zinnen boeien.” schrijft Tzum over Waanzin went niet, de debuutbundel van Max Greyson. De gedichten wekken de indruk “dat alles mogelijk is, dat overal poëzie in zit, dat geen taalregister onbenut blijft”.
  • “De dichteres overstijgt het persoonlijke door zich in alle personages even sterk in te leven. Haar brede perspectief maakt dat deze gedichten over menselijke gedragingen en verhoudingen, meer dan over emoties, gaan. Wij zijn allen personages en op een dag inwisselbaar. Toch kan het leven sprankelen in merkwaardige details”. De Volkskrant is enthousiast over Dit is hoe het ging, de jongste bundel van Froukje van der Ploeg.
  • De aandacht deze maand voor Ben Lerner gaat door op Klecks met een essay over de poëzie-opvatting van Allen Grossman, Lerner’s grote voorbeeld. In het bijzonder wordt het essay Figuring the Real onder de loep genomen, over de poëzie van William Wordsworth. “Poëzie wil representeren, op de een of andere manier, wat niet simpelweg benoemd kan worden. Het poogt een onmogelijke vertaling; het toegankelijk maken in taal van wat de taal vreemd is.”
  • Literair Nederland beschouwt de evolutie van het dichterschap van K. Michel naar aanleiding van de verzameling van diens eerste vijf bundels onder de titel Speling zoeken: “De wereld is groter geworden en de dichter beperkt zich niet alleen tot zijn directe omgeving. Toch lijkt Michel zich in deze verzamelbundel steeds de vraag te stellen wie hij is in verhouding tot dat wat hem omringt en zoekt hij voortdurend naar de samenhang van patronen en processen. Hij probeert de ordening van de dingen te begrijpen om tot het wezenlijke te komen, ontdaan van alle franje. Wat daarbij het meest opvalt, zijn de grillige ideeën en de speelse, originele invallen die hij gebruikt”.
  • “Daarmee is een van de eigenschappen van de bloemlezing gegeven: er zitten veel verrassingen in. Tweede eigenschap: er is veel aandacht voor ‘de politiek, de actualiteit en de smerige wereld buiten het gedicht’, zoals Pfeijffer het zelf noemt in zijn woord vooraf.” De NRC bespreekt De Nederlandse poëzie van de twintigste en de eenentwintigste eeuw in 1000 en enige gedichten., de bloemlezing die Ilja Leonard Pfeijffer samenstelde.

About the Author