Gepubliceerd op: woensdag 6 februari 2013

Afdalen in betekenismist

Onlangs verscheen bij uitgeverij Meulenhoff een nieuwe vertaling van Seamus Heaney’s District and Circle (zie hier ons bericht daarover). Ik stelde de vertalers Onno Kosters en Han van der Vegt enkele vragen. Onderstaand treft u een kleine reconstructie van de vertaling van een meesterwerk.

De eerste vertaling van Seamus Heaney’s District and Circle, gemaakt door Hanz Mirck, kreeg zo’n slechte pers dat de uitgeverij zich gedwongen voelde om het boek uit de handel te halen. Deze tweede vertaalpoging moest dus wel slagen. Hebben jullie die druk tijdens het vertalen ook ervaren?

Wij hebben in die zin eigenlijk geen ‘druk’ ervaren, aangezien Mircks vertaling door het grote aantal elementaire fouten niet goed als op zichzelf staande poëzie kon worden beschouwd. Wij moesten van District and Circle een vertaling maken die lezers wel als poëzie kunnen beoordelen. Dáár lag de druk. Maar die was naar ons idee niet anders of groter dan bij willekeurig welke poëzievertaling. We hopen uiteraard wel dat de vertaling door de voorgeschiedenis meer persaandacht zal genereren, en dat Heaney bijgevolg ook wat meer lezers bereikt.

Hoe zijn jullie precies te werk gegaan?

We maakten eerst allebei een eigen werkvertaling van een gedicht. Die stuurden we dan per mail naar elkaar toe, en een van ons maakte dan een eerste ‘samenvoeging’. Daarin werden de in zijn ogen beste regels, woorden, constructies, enzovoorts tot een geheel gesmeed. Dat vormde het uitgangspunt voor een werkversie. In sessies aan de keukentafel, waarbij olympische hoeveelheden stroopwafels werden genuttigd, werd dan alles ondersteboven gehaald en ontstond meestal een geheel nieuwe versie. We hebben de volledige vertaling ook nog eens uitvoerig besproken met onze meelezer Anneke Brassinga, op basis waarvan we weer nieuwe veranderingen aanbrachten. Uiteindelijk weten we niet meer van wie welke regel is en waar welke interpretatie vandaan kwam. Tot op de tweede drukproef zijn zo nog wijzigingen aangebracht. Vanaf het begin hebben we compromissen uitgesloten. We moesten doorpraten tot een ideale oplossing was bereikt.

Op welke vertaalproblemen zijn jullie zoal gestuit?

Op praktisch alles wat je tegenkomt bij het vertalen van poëzie. In het geval van deze bundel, zoals in al Heaney’s werk, de zeer Ierse kwaliteit ervan. Die kom je tegen in cultuurspecifieke elementen, zoals de ‘rapensnijder’ en ‘B-men’, en ook als politieke en sociale thema’s. Maar tevens op semantisch niveau: woorden waarvoor we de Concise Ulster Dictionary moesten raadplegen, of onze adviseur Alana Gillespie, zelf uit Donegal afkomstig. Ook de bijzondere gelaagdheid van de gedichten en de soms zeer complexe betekenis zorgden voor de nodige hoofdbrekens. Die voel je wel steeds, maar als je nauwkeurig gaat kijken, blijken die niet in specifieke woorden te zijn vastgelegd. Zelf hadden wij het wel eens over een ‘betekenismist’.

Hebben jullie naast Alana Gillespie nog andere native speakers geconsulteerd?

Wij hebben enorm veel hulp gehad van David Pascoe. Deze informant wees ons meermaals op bepaalde motieven en thema’s, en ook op de bijzondere aspecten van Heaney’s taalgebruik. Bijvoorbeeld de grote hoeveelheid clichés in het gedicht ‘On the Spot’. De titel zelf bijvoorbeeld, vandaar ook onze vertaling: ‘Daar en dan’. De kracht van deze gedichten zit ook heel sterk in de puur lyrische kwaliteiten ervan: alliteratie en assonantie, ritme, regels die alleen rijmen met de laatste medeklinker… Meestal gebeurt er in elk gedicht van alles tegelijk, en we hebben geprobeerd ook zo veel mogelijk met alles tegelijk rekening te houden. Maar hoe meer we ons verdiepten in de technische aspecten van de gedichten, hoe meer technische aspecten ze bleken te hebben.

Welk gedicht was het lastigst om te vertalen?

Nou, de gedichten ontlopen elkaar niet vreselijk qua moeilijkheidsgraad. Bovendien zijn de gedichten complex om heel uiteenlopende redenen. ‘Polish Sleepers’ was bijvoorbeeld erg lastig te vertalen, omdat dat gedicht is opgebouwd aan de hand van verbanden die haast ongrijpbaar en vluchtig zijn. Je kunt die eigenlijk niet vertalen, je moet ze in het Nederlands opnieuw opbouwen. ‘To Mick Joyce in Heaven’ was dan weer moeilijk vanwege de vorm, het specifieke ritme. Het is een heel licht en soepel gedicht, speels en grillig tegelijk. Het was in dit geval belangrijker het karakter te vangen dan de specifieke betekenis van de zinnen. En in ‘The Tollund Man In Springtime’ is het bijna niet te achterhalen wat er gebeurt, en op welk niveau.

Hoe verliep het contact met Heaney? Kon hij complexe passages voor jullie ophelderen?

Het contact verliep via de post, en spaarzaam. We schreven hem in juli 2012 een brief met het verzoek ons antwoord te geven op een paar vragen, waar we, ondanks Alana’s en Davids inspanningen, niet uitkwamen. Daarop kregen wij een uitgebreid antwoord terug.

Tot slot, in 2010 verscheen er een nieuwe bundel van Heaney, Human Chain. Gaan jullie die ook vertalen?

Als het aan ons ligt zeker, maar daarvoor zijn we mede afhankelijk van de uitgeverij, en dus van de verkoop. Bedenk wel dat dit pas de tweede dichtbundel van Heaney is, die na Electric Light integraal in het Nederlands uitkomt. Daarvóór zijn er alleen maar bloemlezingen en gedeelten van bundels verschenen. Heaney’s belangrijkste bundels, North, Seeing Things en The Spirit Level, verdienen absoluut een Nederlandse vertaling.

 

Op 7 februari, morgen dus, wordt District en Circle om 20.30 uur gepresenteerd in Perdu. Op de presentatie zal literatuurcriticus van de Volkskrant Arjan Peters, destijds een van de belangrijkste criticasters van Hanz Mircks vertaling Regio en ring, een column voorlezen. Alana Gillespie zal enkele van de oorspronkelijke gedichten voordragen, waarvan de vertalers vervolgens de vertaling zullen brengen. Jan Frans van Dijkhuizen, universitair docent Engelse letterkunde aan de Universiteit Leiden, houdt een korte lezing over hoe Heaney de afgelopen decennia in Nederland is vertaald.

About the Author

- (1978) is dichter, hoofdredacteur van Parmentier en lid van de redactieraad van DW B. Daarnaast is hij medeoprichter en redacteur van het platform voor literaire kritiek De Reactor, het literair weblog Ooteoote en uitgever bij Perdu.